Op de tweede plek in deze provincie staat de dagpauwoog. (Foto: Van Gaalen Media)
Op de tweede plek in deze provincie staat de dagpauwoog. (Foto: Van Gaalen Media)

Atalanta wint twaalfde tuinvlindertelling

  Ingezonden

De Vlinderstichting heeft van 4 tot en met 26 juli voor de twaalfde keer de tuinvlindertelling gehouden. Door deze telling weet De Vlinderstichting welke vlinders er in de zomer in tuinen rondvliegen. Met die informatie kunnen zij vlinders beter helpen en beschermen.

OVERIJSSEL - Alle waarnemingen werden gemeld via www.vlindermee.nl. In Overijssel werden zo'n 850 tellingen gedaan in 350 tuinen. Landelijk werden bijna 14.000 tellingen doorgegeven, in ruim 4.500 tuinen.  De landelijke nummer 1 was al heel erg snel duidelijk: de atalanta. Deze relatief grote, oranje met zwarte vlinder was behoorlijk talrijk in 2020. Hij werd in 83% van de tuinen waargenomen. Ook in Overijssel stond deze vlinder op nummer 1. De dagpauwoog werd tweede. Het klein koolwitje werd landelijk derde.

Top vijf in Overijssel

De top vijf in deze provincie zag er als volgt uit: atalanta, dagpauwoog, klein koolwitje, citroenvlinder en groot koolwitje. Alle resultaten zijn online te vinden

Veel vlinders in het noorden
Opvallend: in de noordelijke provincies werden veel meer vlinders geteld dan onder de rivieren. Van alle atalanta’s die geteld werden, werd maar liefst 79% boven de rivieren waargenomen. En voor de dagpauwoog was dat effect nog sterker: 84% van het totaal werd in Noord- en midden-Nederland gezien.

“Vlinders hebben nog steeds last van de droogte van de afgelopen jaren”, vertelt een woordvoerder.
"In de noordelijke provincies is het een beetje koeler en viel net iets meer regen. En ondanks dat deze zomer niet zo heet is, merken we nog steeds het effect van de afgelopen twee jaar.”
Ook in Overijssel was zo: de atalanta en de dagpauwoog werden hier veel meer gezien dan in midden - en Zuid-Nederland. De citroenvlinder werd ook veel gemeld in Overijssel, hier staat deze gele vlinder op de vierde plek. Landelijk eindigde hij op de zesde plaats.

Runner up: dagpauwoog
De dagpauwoog werd landelijk tweede. Ook ten opzichte van 2019 deed deze vlinder het goed: vorig jaar werd hij nog slechts in 51% van de tuinen waargenomen, dit jaar in 70%. Waarschijnlijk komt dat door de temperatuur. Vorig jaar was het erg heet en dan houden dagpauwogen zich schuil.

2020: een goed vlinderjaar?
Dit jaar werden er meer vlinders geteld in 2018 en 2019. “In vergelijking met de twee voorgaande jaren klopt dat ook”, zegt De Vlinderstichting. “Maar als we wat langer teruggaan en vergelijken met de periode 2009-2017, zien we helaas een daling. Vlinders gaan langzaam maar zeker achteruit.” De Vlinderstichting roept iedereen dan ook op om in de tuin iets te doen voor vlinders. "Plant nectarplanten voor vlinders en voedselplanten voor rupsen. Alleen dan kunnen we zorgen de daling een halt wordt toegeroepen."

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden